ACT-zwachtels: waarom zijn deze vooral geschikt voor mensen die lopen? • Zuster-055
ACT-zwachtels: waarom zijn deze vooral geschikt voor mensen die lopen?

ACT-zwachtels: waarom zijn deze vooral geschikt voor mensen die lopen?

Wist jij dat ACT-zwachtels het beste werken bij cliënten die lopen? In deze blog lees je waarom beweging een belangrijke rol speelt bij compressietherapie en ontdek je hoe ACT-zwachtels bijdragen aan een effectieve behandeling van oedeem.

Alles wat zorgverleners moeten weten over ACT-korte-rekzwachtels

Zwachtelen is een veelgebruikte verpleegtechnische handeling binnen de thuiszorg, ouderenzorg, wondzorg en ziekenhuizen. Toch bestaan er nog veel misverstanden over de verschillende soorten compressietherapie. Een uitspraak die zorgverleners regelmatig horen is:

“ACT-zwachtels zijn alleen geschikt voor mensen die de hele dag lopen.”

Veel mensen nemen deze uitspraak letterlijk over. Toch is de werkelijkheid iets genuanceerder.

Een cliënt hoeft namelijk niet voortdurend te wandelen om baat te hebben bij ACT-korte-rekzwachtels. Wel is het belangrijk dat een cliënt voldoende beweegt. Juist die beweging maakt deze vorm van compressietherapie zo effectief.

Om goed te begrijpen waarom dit zo is, moeten we eerst terug naar de basis.


Wat is compressietherapie

Compressietherapie is een behandeling waarbij druk wordt uitgeoefend op een arm of been om vochtophoping te verminderen en de bloedcirculatie te verbeteren.

Het woord compressie betekent letterlijk ‘druk uitoefenen’.

Compressietherapie wordt toegepast bij verschillende aandoeningen, zoals:

  • Veneuze insufficiëntie
  • Veneuze beenulcera
  • Veneus oedeem
  • Lymfoedeem
  • Posttrombotisch syndroom
  • Spataderen
  • Na bepaalde vaatbehandelingen

Het doel van compressietherapie is om het lichaam te helpen bij iets waar het moeite mee heeft: het afvoeren van bloed en vocht uit de benen.

Compressietherapie kan worden toegepast met:

  • Zwachtels
  • Klittenbandsystemen
  • Therapeutische elastische kousen (TEK)

De keuze hangt af van de cliënt, de behandelfase en de oorzaak van het probleem.

Hoe werkt ons vaatstelsel

Om ACT-korte-rekzwachtels goed te begrijpen, is het belangrijk om eerst te begrijpen hoe het lichaam normaal gesproken werkt.

Ons hart pompt zuurstofrijk bloed via de slagaders naar de benen. Vervolgens moet dit bloed weer terug naar het hart. Dat is best een uitdaging, want de benen bevinden zich onderaan het lichaam en de zwaartekracht werkt continu tegen. Gelukkig heeft het lichaam daar slimme oplossingen voor bedacht.

Drie systemen werken samen:

1. De aderkleppen

In de aderen zitten kleine klepjes. Deze kleppen zorgen ervoor dat het bloed maar één kant op kan stromen: omhoog richting het hart.

2. De kuitspierpomp

De kuit wordt ook wel het tweede hart genoemd. Dat klinkt misschien overdreven, maar eigenlijk is dat helemaal niet zo gek. Wanneer je loopt, spannen de kuitspieren zich aan. Deze spieren drukken de aderen samen en duwen het bloed omhoog.

3. De ademhaling

Ook de ademhaling helpt mee om bloed terug naar het hart te transporteren. Bij gezonde mensen werken deze drie systemen vrijwel automatisch.


Wat gebeurt er als dit systeem niet goed werkt?

Wanneer de aderkleppen beschadigd raken of de kuitspierpomp minder goed werkt, ontstaan er problemen. Het bloed blijft dan langer in de onderbenen aanwezig. Hierdoor stijgt de druk in de aderen. Dit noemen we veneuze hypertensie.

De verhoogde druk zorgt ervoor dat vocht vanuit de bloedvaten naar het omliggende weefsel lekt. Hierdoor ontstaan klachten zoals:

  • Dikke enkels
  • Zware benen
  • Vermoeidheid
  • Spataderen
  • Huidverkleuringen
  • Wonden

Zonder behandeling kunnen deze klachten steeds verder verergeren. Daarom wordt compressietherapie ingezet.

Waarom is de juiste druk zo belangrijk?

Bij compressietherapie draait alles om de juiste hoeveelheid druk. En juist daar gaat het in de praktijk nog regelmatig mis. Te weinig druk geeft onvoldoende resultaat. Dan blijft het vocht aanwezig en verloopt de wondgenezing trager. Te veel druk kan echter gevaarlijk zijn.

Dan ontstaat het risico op:

  • Zuurstoftekort in het weefsel
  • Pijn
  • Huidbeschadiging
  • Nieuwe wonden
  • Weefselversterf

Compressietherapie is dus absoluut geen kwestie van: hoe strakker, hoe beter.

Het gaat juist om gecontroleerde druk.


Welke factoren bepalen de hoeveelheid druk?

De uiteindelijke druk wordt bepaald door meerdere factoren. De druk neemt toe bij:

  • Krachtiger aantrekken
  • Meer lagen
  • Een smallere zwachtel
  • Een minder elastische zwachtel
  • Een kleinere beenomvang

Een dun onderbeen krijgt dus sneller een hoge druk dan een dik onderbeen. Daarom is iedere cliënt anders. De zorgverlener moet steeds opnieuw beoordelen wat nodig is.


Wat betekenen werkdruk en rustdruk?

Werkdruk en rustdruk zijn misschien wel de belangrijkste begrippen binnen compressietherapie.

Werkdruk ontstaat wanneer een cliënt beweegt. Bijvoorbeeld tijdens:

  • Lopen
  • Traplopen
  • Opstaan
  • Fietsen

De spieren zetten uit en drukken tegen de zwachtel aan. De zwachtel biedt weerstand. Daardoor ontstaat extra druk. Dit noemen we werkdruk.

Rustdruk ontstaat wanneer iemand:

  • Zit
  • Ligt
  • Rust

De druk die dan aanwezig blijft, noemen we rustdruk. De verhouding tussen werkdruk en rustdruk bepaalt voor een groot deel hoe een zwachtel werkt.


Wat is ACT-zwachtelen?

En zo komen we bij het onderwerpt ACT Zwachtelen. ACT staat voor: Ambulante Compressie Therapie.

Het woord ambulant betekent letterlijk: lopend of mobiel. ACT-korte-rekzwachtels zijn speciaal ontwikkeld om samen te werken met de kuitspierpomp. Deze zwachtels hebben weinig elasticiteit. Ze rekken meestal maximaal 35% uit.

Dit zorgt voor:

  • Een hoge werkdruk
  • Een lage rustdruk

En juist deze combinatie maakt ze zo effectief bij mobiele cliënten.


Indicaties

ACT-zwachtels worden niet zomaar ingezet. Een arts, wondverpleegkundige, verpleegkundig specialist, huidtherapeut of andere behandelaar bepaalt of deze vorm van compressietherapie geschikt is voor de cliënt. ACT-zwachtels worden vooral ingezet wanneer het lichaam moeite heeft met het afvoeren van bloed en vocht uit de benen.

Veelvoorkomende indicaties zijn:

1. Chronische veneuze insufficiëntie

Chronische veneuze insufficiëntie betekent dat de aderen onvoldoende functioneren. De aderkleppen sluiten niet meer goed, waardoor bloed terugzakt naar de onderbenen.

Klachten die hierbij kunnen ontstaan zijn:

  • Zware benen
  • Vermoeide benen
  • Dikke enkels
  • Kramp
  • Jeuk
  • Huidverkleuringen

Compressietherapie ondersteunt de aderen en helpt om het bloed terug naar het hart te transporteren.

2. Veneus oedeem

Veneus oedeem ontstaat wanneer vocht zich ophoopt in de benen door slecht functionerende aderen.

Kenmerken zijn:

  • Dikke onderbenen
  • Een gespannen huid
  • Een zwaar gevoel
  • Vermoeidheid

ACT-korte-rekzwachtels kunnen helpen om dit vocht af te voeren.

3. Veneuze beenulcera

Een veneus beenulcus is een wond aan het onderbeen die ontstaat door langdurige problemen met de bloedcirculatie. Compressietherapie is één van de belangrijkste onderdelen van de behandeling. Door de druk van de zwachtels verbetert de doorbloeding en krijgt de wond een betere kans om te genezen.

4. Posttrombotisch syndroom

Na een diep veneuze trombose kunnen de aderen beschadigd raken.

Hierdoor kunnen klachten ontstaan zoals:

  • Zwelling
  • Pijn
  • Vermoeidheid
  • Huidveranderingen

Compressietherapie kan deze klachten verminderen.

5. Lymfoedeem

Bij lymfoedeem wordt lymfevocht onvoldoende afgevoerd.

ACT-zwachtels kunnen soms onderdeel zijn van de behandeling. De keuze hiervoor wordt altijd gemaakt door de behandelaar.


Contra-indicaties

Niet iedere cliënt mag compressietherapie krijgen. Juist daarom is een goede beoordeling vooraf ontzettend belangrijk.

1. Ernstig arterieel vaatlijden

Bij ernstig arterieel vaatlijden is de bloedtoevoer naar de benen al verminderd. Extra druk kan de situatie verder verslechteren.

Absolute contra-indicaties zijn onder andere:

  • Enkel-armindex (EAI) kleiner dan 0,5
  • Enkeldruk lager dan 60 mmHg

2. Totale afsluiting van het diepe veneuze systeem

Wanneer het diepe veneuze systeem volledig is afgesloten, mag compressietherapie niet zomaar worden toegepast. Overleg met een specialist is noodzakelijk.

3. Ernstige huidafwijkingen

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Ernstig eczeem
  • Open huiddefecten
  • Ernstige infecties
  • Beschadigde huid

Soms is compressietherapie alsnog mogelijk, maar dan moeten aanvullende maatregelen worden genomen.

4. Allergieën

Sommige cliënten zijn allergisch voor materialen die in compressieproducten voorkomen.

Bijvoorbeeld:

  • Latex
  • Rubber
  • Siliconen
  • Textielvezels

Bespreek dit altijd vooraf.

Waarom zijn ACT-korte-rekzwachtels zo effectief?

Je kunt ACT zien als een samenwerking tussen de cliënt en de zwachtel. De zwachtel doet namelijk niet al het werk.

De cliënt moet actief meedoen. Wanneer iemand loopt, spannen de kuitspieren zich aan. Deze spieren drukken tegen de zwachtel aan. De zwachtel biedt weerstand. Daardoor ontstaat extra druk die helpt om bloed en vocht af te voeren. Hoe vaker iemand beweegt, hoe vaker dit mechanisme wordt geactiveerd. En hoe beter de behandeling werkt.

Elasticiteit en stiffness

Om nog beter te begrijpen waarom ACT-zwachtels zo effectief zijn, is het belangrijk om twee begrippen te kennen: elasticiteit en stiffness.

Bij zwachtelen kom je regelmatig de begrippen elasticiteit en stiffness tegen. Hoewel ze met elkaar samenhangen, betekenen ze niet hetzelfde.

Elasticiteit geeft aan hoeveel een zwachtel kan uitrekken. Hoe elastischer een zwachtel is, hoe meer rek er in het materiaal zit. Korte-rekzwachtels zijn minder elastisch en kunnen tot ongeveer 35% worden uitgerekt. Lange-rekzwachtels zijn elastischer en kunnen tot ongeveer 70% of meer worden uitgerekt.

Stiffness betekent letterlijk stijfheid of weerstand. Dit geeft aan hoeveel tegendruk een zwachtel biedt wanneer de spieren zich aanspannen tijdens het bewegen. Hoe stijver de zwachtel, hoe meer weerstand er ontstaat.

ACT-zwachtels hebben een hoge stiffness. Wanneer een cliënt loopt en de kuitspieren aanspant, drukken deze spieren tegen de zwachtel aan. De zwachtel geeft weerstand, waardoor er een hoge werkdruk ontstaat. Juist deze hoge werkdruk helpt om bloed en vocht beter af te voeren richting het hart.

Kort samengevat: elasticiteit gaat over hoeveel een zwachtel kan uitrekken en stiffness gaat over hoeveel weerstand een zwachtel geeft tijdens beweging. Deze combinatie maakt ACT-zwachtels bijzonder geschikt voor mobiele cliënten.

Waarom zijn ze vooral geschikt voor mensen die lopen?

Eigenlijk vormen de zwachtels samen met de kuitspieren één systeem. De zwachtel doet niet al het werk. De cliënt moet actief meedoen. Bij iedere stap:

  1. Spannen de kuitspieren zich aan.
  2. De spieren drukken tegen de zwachtel.
  3. De zwachtel geeft weerstand.
  4. Het bloed wordt omhoog gepompt.

Hoe meer iemand beweegt, hoe vaker dit proces wordt geactiveerd.


Klopt de uitspraak: alleen geschikt voor mensen die de hele dag lopen?

Niet helemaal. Deze uitspraak zorgt regelmatig voor verwarring. Een cliënt hoeft namelijk niet de hele dag te wandelen. Wel is regelmatige beweging belangrijk.

Denk aan:

  • Zelfstandig naar het toilet gaan
  • Korte wandelingen
  • Huishoudelijke activiteiten
  • Opstaan uit de stoel

Ook cliënten die niet kunnen lopen, maar wel actief hun voeten en benen kunnen bewegen, kunnen soms profiteren van korte-rekcompressie.


Wat gebeurt er als iemand de hele dag zit?

Dan verdwijnt een groot deel van het effect. De hoge werkdruk wordt nauwelijks geactiveerd.

Het gevolg:

  • Minder vochtafvoer
  • Minder effect op oedeem
  • Tragere wondgenezing

Daarom is het stimuleren van beweging essentieel.


Wat zijn enkeloefeningen?

Wanneer iemand minder mobiel is, kunnen enkeloefeningen helpen.

Bijvoorbeeld:

  • Tenen naar de neus trekken
  • Tenen van je af duwen
  • Rondjes draaien met de enkels
  • Hakken en tenen bewegen

Ook deze oefeningen activeren de kuitspierpomp.

Hoe breng je ACT-zwachtels aan?

Een goede techniek is ontzettend belangrijk. Een verkeerd aangelegde zwachtel kan namelijk meer kwaad dan goed doen.

Stap 1: Controleer de indicatie

Controleer altijd:

  • Is compressietherapie voorgeschreven?
  • Is de enkel-armindex bekend?
  • Zijn er contra-indicaties?

Stap 2: Observeer de huid

Controleer op:

  • Roodheid
  • Drukplekken
  • Wonden
  • Eczeem
  • Blaasjes
  • Huidbeschadigingen

Stap 3: Verzorg de huid

Was het been indien nodig en droog de huid goed af. Breng eventueel een pH-neutrale of vette crème aan volgens het advies van de behandelaar. Doe dit bij voorkeur enige tijd voordat je gaat zwachtelen.

Stap 4: Breng eventueel een buisverband aan

Een buisverband kan helpen om de huid te beschermen tegen irritatie. Gebruik alleen een buisverband wanneer dit is voorgeschreven.

Stap 5: Polster uitstekende botdelen

Bescherm kwetsbare plekken zoals:

  • De enkels
  • De overgang naar het scheenbeen
  • De wreef

Polsteren helpt om de druk gelijkmatig te verdelen.

Stap 6: Zet de voet in een hoek van 90 graden

Dit is een belangrijk aandachtspunt. Een hoek van 90 graden voorkomt afknelling op de wreef.

Stap 7: Begin bij de basis van de tenen

Start bij de kleine teen en werk richting de grote teen. Hierdoor blijft de anatomische stand van de voet zoveel mogelijk behouden.

Stap 8: Zwachtel beenvolgend met 50% overlap

Werk rustig omhoog. Volg de vorm van het been. Zo wordt de druk gelijkmatig verdeeld.

Stap 9: Eindig onder de knieholte

Eindig ongeveer twee vingers onder de knieholte. Dit voorkomt afknelling.

Stap 10: Controleer het eindresultaat

Controleer op:

  • Plooien
  • Vensters
  • Afzakkingen
  • Drukpunten

Vraag ook altijd hoe de cliënt de zwachtel ervaart.

Hoe breng je een ACT-zwachtel aan?

Conclusie

ACT-korte-rekzwachtels zijn een effectieve vorm van ambulante compressietherapie. Ze werken optimaal wanneer een cliënt voldoende beweegt en de kuitspierpomp actief gebruikt.

Een cliënt hoeft niet de hele dag te lopen, maar beweging blijft de sleutel tot succes.

Goede observatie, de juiste techniek en voldoende uitleg aan de cliënt maken uiteindelijk het verschil tussen een matig en een succesvol behandelresultaat.

Bronvermelding, referenties

  • Dekkers, C. (2018). Zwachtelen met korterekzwachtel is lang niet eenvoudig. WCS Nieuws, 34(2), 28-31.
  • Heyer, K., Protz, K., & Augustin, M. (2017). Compression therapy – Cross-sectional observational survey about knowledge and practical treatment of specialised and non-specialised nurses and therapists. International Wound Journal, 14(6), 1148-1153.
  • Moffatt, C. (2008). Variability of pressure provided by sustained compression. International Wound Journal, 5(2), 259-265.
  • NVDV, & NVvH. (2014). Richtlijn veneuze pathologie. Utrecht.
  • Oelen, M. (2015). 7 basisregels bij compressie. Nursing, 11, 31-35.
  • Protz, K., Reich-Schupke, S., Müller, K., Augustin, M., & Hagenström, K. (2018). Kompressionsverbände mit und ohne Unterpolsterung. Der Hautarzt, 69(8), 653-661.
  • Rabe, E., Partsch, H., Morrison, N., et al. (2020). Risks and contraindications of medical compression treatment – A critical reappraisal. Phlebology, 35(7), 447-460.
  • Vilans. (2023). Compressietherapie en zwachtelen. Geraadpleegd op 15 juni 2026, van https://www.vilans.nl
  • WCS Kenniscentrum Wondzorg. (2015). Compressietherapie aan de onderste extremiteiten: Expertdocument 2015. Leiden: WCS Kenniscentrum Wondzorg.

Meer lezen over zwachtelen?

Bekijk dan onze blogpagina alles over zwachtelen.

Terug naar overzicht