pH-waarde controleren, wanneer doe je dat?
Bij het controleren van de ligging van een neus-maagsonde speelt de pH-waarde van opgezogen maaginhoud een belangrijke rol. Door de pH te meten kan worden beoordeeld of de sonde zich daadwerkelijk in de maag bevindt, waardoor sondevoeding veilig kan worden toegediend.
Toch roept dit in de praktijk regelmatig vragen op. Welke pH-waarde is veilig? Wat doe je als je geen maaginhoud kunt opzuigen? En welke invloed hebben medicijnen zoals maagzuurremmers op de uitslag?
In deze blog lees je hoe de pH-controle werkt, welke waarden volgens de richtlijnen worden gehanteerd en waarom een juiste controle essentieel is om complicaties en ernstige incidenten te voorkomen.
Wel of niet dompelen bij een PEG-sonde
Bij de verzorging van een PEG-sonde komt regelmatig de vraag naar voren of de insteekopening wel of niet gedompeld mag worden. De adviezen hierover verschillen soms per zorgorganisatie, protocol of zorgverlener, wat voor onduidelijkheid kan zorgen in de praktijk.
In deze blog lees je wat de actuele aanbevelingen zijn en welke aandachtspunten belangrijk zijn voor een veilige verzorging van onder andere een PEG-sonde.
Wie mag een neus-maagsonde inbrengen
Het inbrengen van een neus-maagsonde lijkt op het eerste gezicht misschien een relatief eenvoudige handeling. Toch brengt deze procedure risico’s met zich mee die ernstige gevolgen kunnen hebben voor de zorgvrager wanneer de sonde niet correct wordt ingebracht of gecontroleerd.
Een verkeerd geplaatste neus-maagsonde kan bijvoorbeeld leiden tot sondevoeding in de longen, met ernstige complicaties zoals een aspiratiepneumonie of zelfs overlijden tot gevolg. Daarom worden aan het inbrengen en controleren van een neus-maagsonde hoge eisen gesteld op het gebied van kennis, vaardigheden en klinisch redeneren.
In deze blog lees je waarom het veilig inbrengen van een neus-maagsonde specialistische kennis vereist en welke wet- en regelgeving van toepassing is op deze verpleegtechnische handeling.
Mag je een spuit in de koelkast bewaren?
In de zorg worden dagelijks spuiten gebruikt voor het toedienen van medicatie, sondevoeding en het doorspoelen van sondes. Toch bestaan er in de praktijk veel verschillende werkwijzen als het gaat om het hergebruiken en bewaren van spuiten. Zo worden gebruikte spuiten soms afgespoeld en in de koelkast bewaard om later opnieuw te gebruiken.
In deze blog duiken we in de achterliggende redenen, bekijken we wat richtlijnen en fabrikanten hierover zeggen en leggen we uit waarom het vervangen van spuiten na 24 uur een belangrijke bijdrage levert aan veilige zorg.