H4. De luchtpijp en luchtpijptakken • Zuster-055

E-learning

H4. De luchtpijp en luchtpijptakken

De luchtpijp en luchtpijptakken

De luchtpijp is een elf centimeter lange buis, opgebouwd uit hoefijzervormige kraakbeenringen. Deze ringen voorkomen dat de luchtpijp dichtslaat of wordt afgekneld. Hij is aan de binnenkant bekleed met slijmvlies met veel trilhaartjes. Het slijmvlies is zeer gevoelig. Zodra er stof, een slijmprop of een vreemd voorwerp (bijvoorbeeld pinda) in terecht komt, ontstaat er een sterke hoestprikkel.

Door het hoesten wordt het stof, het vreemde voorwerp of slijmprop verwijderd. Kleine stofdeeltjes worden door de trilhaarbewegingen naar het bovenste deel van de luchtpijp getransporteerd en door middel van kuchen of hoesten verwijderd.

Luchtpijp en luchtpijpvertakkingen[/vc_column_text][vc_column_text]

Bouw van de luchtpijp

In de borstholte splitst de luchtpijp zich in twee luchtpijptakken (hoofdbronchi) die elk naar een long gaan. Beide hoofdbronchiën splitsen zich verder in de grote bronchiën. Deze gaan naar de longkwabben. De bronchiën splitsen zich in de steeds kleinere takken (bronchioli).

Ze verdelen de ingeademde zuurstofrijke lucht in de longen en verzamelen de uit te ademen zuurstofarme lucht uit de longen.

Aan het begin zien ze er net zo uit als de luchtpijp, maar geleidelijk worden de takken kleiner en de wanden dunner. In tegenstelling tot de luchtpijp bestaan ze uit gesloten kraakbeenringen.

Luchtpijp

Referenties

  • Broeshart C.M., van den Brand J.P.M., Abrahamse C.A., Mocking P.A.M., van Velsen M.M.T., (2012) Persoonlijke basiszorg. Amersfoort:ThiemeMeulenhoff