pH-waarde neus-maagsonde: veilig en verantwoord sondevoeding geven • Zuster-055
pH-waarde neus-maagsonde: veilig en verantwoord sondevoeding geven

pH-waarde neus-maagsonde: veilig en verantwoord sondevoeding geven

De blog legt uit dat je bij een neus-maagsonde altijd de pH-waarde van maagsap moet meten om zeker te weten dat de sonde goed in de maag ligt.

pH-waarde neus-maagsonde: veilig en verantwoord sondevoeding geven

Het toedienen van sondevoeding via een neus-maagsonde is een veelvoorkomende verpleegtechnische handeling in de zorg. Het lijkt misschien eenvoudig. Een slangetje inbrengen en voeding geven, maar de risico’s zijn groot wanneer de sonde niet goed op zijn plaats zit.

Een verkeerde ligging kan leiden tot ernstige complicaties, zoals aspiratie van sondevoeding in de longen, met als mogelijk gevolg een longontsteking of zelfs overlijden. Daarom is het essentieel dat zorgverleners altijd controleren of de sonde correct is ingebracht. De pH-waarde van het opgezogen maagsap speelt daarbij een sleutelrol.

In deze blog lees je alles over:

  • wat een neus-maagsonde is
  • waarom het meten van de pH-waarde belangrijk is
  • hoe je een pH-meting uitvoert
  • wat de richtlijnen en grenswaarden zijn
  • praktijkvoorbeelden en tips
  • veelgemaakte fouten en valkuilen
  • antwoorden op veelgestelde vragen
Neus-maagsonde

Wat is een neus-maagsonde?

Een neus-maagsonde is een flexibel slangetje dat via de neus, keel en slokdarm in de maag wordt ingebracht. Het doel kan verschillend zijn:

  • voeding toedienen (sondevoeding)

  • medicatie toedienen

  • maaginhoud afvoeren (bijvoorbeeld bij ileus of na een operatie)

Je hebt ook varianten zoals de neus-darmsonde (loopt door tot in de dunne darm) en de PEG-sonde (via de buikwand naar de maag). In dit artikel focussen we ons op de neus-maagsonde en de pH-controle die daarbij hoort.

Waarom is controle nodig?

Uit meerdere onderzoeken is gebleken dat sondes regelmatig niet goed geplaatst zijn. Soms ligt de sonde in de keel of slokdarm, soms zelfs in de luchtpijp of longen. Als er dan sondevoeding wordt toegediend, kan dit levensbedreigend zijn.

Voorbeeld:
Een oudere patiënt met slikproblemen kreeg sondevoeding via een neus-maagsonde. De sonde bleek niet in de maag te liggen maar in de luchtpijp. De voeding liep in de longen en veroorzaakte een ernstige longontsteking, met fatale afloop.

Om dit te voorkomen, is het verplicht om vóór elke toediening de ligging van de sonde te controleren. De meest betrouwbare methode in de dagelijkse praktijk is het meten van de pH-waarde van het opgezogen maagsap.

Hoe werkt de pH-waarde?

De pH-waarde geeft de zuurgraad van een vloeistof aan.

  • Een pH van 1–2 = sterk zuur

  • Een pH van 7 = neutraal

  • Een pH van 8–14 = basisch

In de maag bevindt zich maagzuur (zoutzuur), met een normale pH tussen 1 en 3. Hierdoor kun je maagsap meestal goed onderscheiden van vloeistoffen die uit de longen of darmen zouden komen.

Wanneer je dus maagsap opzuigt uit de sonde en dit test met pH-indicatorpapier, geeft een waarde van ≤ 5,5 voldoende zekerheid dat de sonde correct in de maag ligt.

Stappenplan: pH-waarde meten bij een neus-maagsonde

Leg de materialen klaar:

  • 50 ml spuit (bij kinderen 10–50 ml)
  • pH-indicatorpapier dat geschikt is voor medische doeleinden
  • Handschoenen
  • Absorberend doekje of gaasje

Spoel de sonde door:

  • Spuit 5–10 ml lucht door de sonde (bij kinderen 2–5 ml).
  • Dit maakt het opzuigen van maagsap gemakkelijker.

Zuig maagsap op:

  • Trek voorzichtig 0,5–1 ml maagsap op.
  • Soms is dit lastig bij nuchtere patiënten of bij patiënten die zuurremmers gebruiken.

Bepaal de pH:

  • Breng een druppel maagsap aan op het pH-papier.
  • Vergelijk de kleur met de bijgeleverde schaal.

Interpreteer de waarde:

  • ≤ 5,5: sonde ligt waarschijnlijk goed in de maag.
  • > 5,5: onzeker → herhaal de test na 30–60 minuten of overleg met arts.

Wat zegt de richtlijn?

Volgens de V&VN-praktijkkaarten (2017):

  • Bij volwassenen en kinderen geldt dat de pH van maagsap ≤ 5,5 moet zijn.

  • Is de pH hoger, dan kan dit komen door:

    • gebruik van maagzuurremmers (bijv. omeprazol, pantoprazol)

    • een lege maag

    • een sonde die niet in de maag ligt

In dat geval mag er géén voeding worden gestart voordat meer zekerheid is verkregen. Eventueel kan de arts een aanvullende controle aanvragen, zoals een röntgenfoto.

Veelgemaakte fouten

  1. Vertrouwen op de ‘borreltest’.Vroeger werd geleerd om met een stethoscoop te luisteren of je borrelende geluiden hoorde na inspuiten van lucht. Dit is achterhaald: ook in de longen hoor je borrelgeluiden.
  2. Toch voeding geven bij onduidelijke pH.“Ach, het zal wel goed zitten.” Dit kan levensgevaarlijk zijn.
  3. Verkeerd gebruik van pH-papier. Alleen geschikt medisch pH-indicatorpapier gebruiken, niet het papier uit een scheikundedoos.

Praktijkvoorbeeld

Mevrouw De Vries (82) heeft na een beroerte een neus-maagsonde gekregen. Ze gebruikt maagzuurremmers. Bij de eerste controle is de pH 6,0. De verpleegkundige start géén voeding, maar wacht 45 minuten en test opnieuw. De waarde is dan 5,0. De voeding kan veilig gestart worden.

Tips voor zorgverleners

  • Zorg dat je altijd geschikt pH-papier bij de hand hebt.
  • Wees je bewust van medicatie (zoals omeprazol) die de uitslag kan beïnvloeden.
  • Blijf kritisch: twijfel je, voer de test opnieuw uit of overleg met de arts.
  • Documenteer altijd de gemeten waarde in het dossier.

Veelgestelde vragen

  1. Wat als er geen maagsap op te zuigen is?
    → Probeer de patiënt op de linkerzij te leggen of geef 10–20 ml water door de sonde (in overleg met arts).
  2. Hoe vaak moet je de pH meten?
    → In ieder geval bij plaatsing van de sonde en vóór iedere toediening van voeding of medicatie.
  3. Kan de pH-meting fout-positief zijn?
    → Ja, vooral bij patiënten die langdurig protonpompremmers gebruiken. Daarom altijd goed beoordelen in combinatie met de klinische situatie.

Conclusie

Het meten van de pH-waarde van maagsap is de meest betrouwbare manier om te controleren of een neus-maagsonde correct in de maag ligt. Een waarde van ≤ 5,5 geeft voldoende zekerheid. Bij hogere waarden moet altijd opnieuw getest of overlegd worden, om gevaarlijke complicaties te voorkomen.

Voor zorgverleners geldt: meten is weten – en twijfel betekent altijd extra controle!

PH waarde

Bronnen, referenties

  1. V&VN. (2017). Praktijkkaart Richtlijn Neusmaagsonde volwassenen. Utrecht: Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland.

  2. V&VN. (2017). Praktijkkaart Richtlijn Neusmaagsonde kinderen. Utrecht: Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland.

  3. Metheny, N. A., & Meert, K. L. (2014). pH testing of feeding tube aspirates: An update. Nursing Research, 63(2), 133–143. https://doi.org/10.1097/NNR.0000000000000029

  4. National Patient Safety Agency. (2011). Reducing the harm caused by misplaced nasogastric feeding tubes. NHS, London.

Terug naar overzicht